Voorwoord
Het is nu 6 jaar geleden dat mijn vrouw en ik voor onze huwelijksreis naar Amerika zijn geweest. Wat een ervaring had moeten zijn om de honger naar dit land te stillen, heeft alleen maar geresulteerd in een nog groter verlangen om wéér terug te gaan naar dit fantastische vakantieland. Hieronder staat ons reisverslag. Naar aanleiding van het enthousiasme van de forumleden van
Het lastige is dan, dat het al 6 jaar na dato is. Een aantal details zijn wat vervaagd, terwijl andere herinneringen in mijn geheugen gegrift staan. Afschriften en bonnetjes zijn inmiddels allemaal al weggegooid, dus het verhaal wordt uit herinneringen, beeldmateriaal en de destijds gebruikte Rand McNally Roadatlas (die overigens van ellende uit elkaar dreigt te vallen) opgetekend. Hopelijk geeft dit verslag toch nog een duidelijk beeld van de route en de belevenissen.
We hebben de reis geboekt via de ANWB in Almere. Hier waren we destijds woonachtig. We hebben geboekt bij touroperator Special Traffic, maar niet gekozen voor een van tevoren vastgelegde route.
Aangezien we zeer intensief bezig zijn geweest met de voorbereiding en planning van de route (met dank aan voornoemde wegatlas) bleek al snel dat geen van de standaardroutes van de verschillende touroperators geheel aansloten op onze wensen. Tevens moet je met een dergelijke uitgestippelde route rijden naar de planning. Wij vonden de vrijheid van zelf plannen en ter plekke kunnen aanpassen van het programma veel prettiger.
De camper werd gehuurd bij Moturis. Ik hoor en lees nog steeds weinig over ervaringen met deze maatschappij. Wel waren in Las Vegas, waar wij onze camperreis zijn begonnen, veel Duitsers bij het verhuurstation, dit kan erop duiden dat deze maatschappij meer Duits georiënteerd is, maar of dat waar is…..
Wij hebben in elk geval een positieve ervaring met dit verhuurbedrijf.
De vlucht was met United Airlines. (heen en terug in één van de, toen nog, fonkelnieuwe Tripple 7’s ofwel Boeing 777’s) Hierbij mochten we gebruik maken van 2 gratis stop-overs. We hebben voor het begin een tussenstop gepland in Washington en aan het eind een tussenstop in New York. Zo konden we ook een aantal highlights aan de oostkust meepakken.
Dag 1 maandag 13 juli (Schiphol – Washington D.C.)
Een drukke dag wacht ons. Nienke en ik (René) moeten om 9.00uur op het stadhuis aanwezig zijn om elkaar het ja-woord te geven. Het is de eerste dag van onze vakantie. We hebben de week ervoor afscheid genomen van de kinderen uit onze klas. Voor Nienke ging het hier om de kleuters van groep ½ en voor mij de leerlingen van groep 6.
Voor iedere normaal denkende Nederlander is het, wat in de tweede zin is beschreven, het hoogtepunt uit hun leven. Zo niet voor ons. De enige reden is, dat het juridisch allemaal goed geregeld is, voor het geval er kinderen komen en die kinderwens is er momenteel wel.
Nadat we elkaar het ja-woord hadden gegeven, gingen we snel naar huis om onze koffers op te pikken en ons door de gezamenlijke ouders naar Schiphol te laten brengen. Daar moesten we om 11.00uur zijn om ons in te laten checken voor de vlucht van 13.00uur naar Washington Dulles int. Airport. Dit zou voor ons de reis van ons leven worden.
De vlucht zou eigenlijk naar Las Vegas gaan, maar aangezien we gratis twee stop-overs mochten maken, wilden we op de thuisbasis van UA, Washington DC, onze eerste stop-over maken, om zo optimaal van de hoogtepunten van de USA gebruik te maken.
Als we bij het inchecken vooraan in de rij staan, worden we apart geroepen en moeten we ons melden bij de desk van United Airlines. Daar staat een vriendelijke dame (uiteraard) op ons te wachten, ze feliciteert ons met ons huwelijk en upgrade onze stoelen naar business-class. Kijk dat is toch het betere werk. Helaas is dit onze eerste vlucht met een verkeerstoestel (voor Nienke zelf de allereerste keer in een vliegtuig) dus erg veel referentiekader hebben we niet met andere stoelen in bijvoorbeeld de economy-class. Desalniettemin besluiten we het er goed van te nemen. We hebben stoelen aan het einde van de rij in het midden. Helaas niet aan het raam, maar we zullen een gegeven paard niet in de bek kijken. Nadat we keurig op tijd het luchtruim kiezen, komt even later een van de stewardessen ons verblijden met een fles Californische Champagne, voor ons huwelijk. Ik moet zeggen, de eerste contacten met Amerikanen bevallen me al uit-ste-kend. Uiteraard is het een lange vlucht, maar aangezien ik een luchtvaart-enthousiast ben, geniet ik van elke seconde aan boord van het toestel. Na een 8 uur durende vlucht, met een Boeing 777, (veel te kort naar mijn idee) landden we om 15.00uur plaatselijke tijd op Dulles int. Airport. Jeetje, ik zet voet op Amerikaanse bodem. Iets waar ik zo lang naar heb uitgekeken, is nu werkelijkheid geworden. Met een shuttlebus, samen met nog een groep andere reizigers gaan we richting Washington DC. Even buiten het vliegveld zie ik op de flightline de contouren van een militair transportvliegtuig. Ik veer overeind, want ik ben benieuwd welk toestel mijn eerste encounter zal zijn op Amerikaanse bodem. Net zo hard zak ik weer terug… Een Duitse C160D Transal. Van alle vliegtuigen die ik graag wil zien, is dat wel de laatste. Leuk om in Europa te zien, maar hier in Amerika wil ik ook Amerikaanse toestellen zien. Enfin, het kan uiteraard de pret verder niet drukken. Washington ligt, merk ik verder van het vliegveld dan Amsterdam van Schiphol. De stad ligt, afhankelijk van de plek waar je moet zijn, zo’n 20km verderop. Tijdens dit ritje doen we zomaar 3 staten tegelijk aan door alleen maar naar Washington te gaan. Je landt in Virginia (1), rijdt naar Washington D.C. (2), dat in de staat Maryland (3) ligt. Dat laatste is wel niet helemaal zoals je het moet zien, maar ach het klinkt in elk geval leuk.
Aangekomen in het hotel checken we in en komen we aan in onze romantische kamer waar we onze eerste nacht als getrouwd stel doorbrengen in... twee gescheiden bedden!! Helaas een andere kamer is niet meer voor handen dus upgraden in het hotel is er niet bij. We hebben wel even lekker gezwommen in het hotelzwembad op het dak! Daarna hebben we een beetje bij het hotel in de buurt rondgekeken. Opvallend was dat er veel zwervers rondhingen. Achteraf meer dan in New York. We eten, kan het Amerikaanser, de eerste avond in de States ons huwelijksdiner bij de Mac.
Dag 2 dinsdag 14 juli (Washington D.C.)
Vroeg opgestaan om de highlights van Washington te bekijken. Als eerste zijn we naar de achterkant van het Witte Huis gelopen. Dit lag op loopafstand van ons hotel. Bij de zij-ingang was het mogelijk aan een "guided tour" deel te nemen. Daar stond echter een dusdanig lange rij, dat een bezoek aan het Witte Huis het enige zou zijn dat we die dag konden doen. Doorlopen dan maar naar The Mall.
The Mall is een groot Rechthoekig en langwerpig veld, waaraan een aantal zeer bekende gebouwen staan, zoals Het Washington Monument. Een obelisk-achtige naald die midden in de Mall. Deze Mall ligt exact oost-west. Vanuit deze plaats vind je in Noordelijke richting (doordat het veld langwerpig is, daardoor dus vlakbij) het Witte Huis. In Westelijke richting aan het einde van The Mall ligt de "Reflecting pool" en het Lincoln Memorial. In die hoek vind je ook de twee monumenten ter nagedachtenis aan de Vietnam-oorlog. De ene is een lange muur, die half de grond in loopt (symboliek) met daarop alle namen van gesneuvelde Amerikanen. Erg indrukwekkend. De muur is overigens ontworpen door Maya Ying Lin. De veteranen waren echter niet gelukkig met deze "muur" en wilden hun eigen monument. Dat is er uiteindelijk gekomen met de 3 soldaten, die elkaar ondersteunend, uit de jungle komen lopen. Rond deze Mall zijn verder nog vele "memorials" te vinden, die het bezoeken allen waard zijn.
’s Middags, na een lange wandeling langs de highlights van DC, wil Nienke toch nog even langs de apotheek om een zwangerschapstest te halen. Het zal verder wel onzin zijn, maar door alle drukte rond het einde schooljaar, het huwelijk en deze reis, is de cyclus van Nienke toch wat van slag.
Dag 3 woensdag 15 juli (Washingon D.C. – Las Vegas)
We moeten vandaag laat op de middag door naar Las Vegas. Van nu af aan is het gewoon als iedere andere toerist, gewoon economy-class geblazen. Wel zitten we van nu af aan elk vlucht bij de vleugel en het raam. We vliegen met een Airbus A-320. De ervaring die ik opdeed, toen we de airconditionde aankomsthal uitliepen, de donkere avond in, in de buitenlucht van McCarren airport, zal ik werkelijk nooit van mijn leven meer vergeten. Ik was er niet op voorbereid, maar die muur van superdroge hitte waar je tegenaan loopt was ongekend. De hitte trok direct alle vocht uit mijn ogen die daardoor spontaan begonnen te tranen en je adem stokt doordat je mond direct kurkdroog wordt.
Las Vegas moet je weten, hebben we gekozen omdat het goedkoper vliegen was dan op S.F. of L.A. Jammer, want nu moesten we verplicht een avond en ochtend in deze stad doorbrengen, voor nuchtere Hollanders zoals wij onszelf betitelden, zou het wel helemaal niets zijn.
Tjonge,….. wat kan een mens zich vergissen.
Werkelijk superenthousiast zijn we van deze stad geworden. Wàt een hotels, bruisend leven, licht en glitter, het ene nog groter en imposanter dan het andere. Weer-ga-loos.
Dag 4 donderdag 16 juli (Las Vegas – Mt. Charleston Wilderness Area)
‘s Ochtends denkt Nienke nog aan de test, gekocht in D.C. Toch maar even proberen.
Als het feest nog niet compleet was, dan nu wel... wé blijken zwanger!!!
Eigenlijk is dit dé belangrijkste reden dat we deze reis juist nú gepland hebben. We zijn nu nog met z’n tweeën en vinden dat we nu nog een dergelijke reis kunnen ondernemen zonder kinderen. Mét kinderen doe je zoiets niet snel meer, zeker niet als ze nog jong zijn. Dan spelen ze liever met vriendjes op de camping en nu is het nog betaalbaar met z’n tweeën.
Geweldig nieuws dus!!
We moesten echter om 13.00uur al bij Moturis zijn, waar onze camper klaar stond voor vertrek zodat we ons nog maar beperkt tijd voor de Strip hadden.
Als we bij het verhuurstation aangekomen zijn, we worden keurig voor ons hotel opgepikt moeten we eerst wachten in een ontvangstruimte tot we aan de beurt zijn. We krijgen de nodige papieren onder de neus geduwd en deze moeten we eerst maar eens invullen. Echter voor we aan de beurt waren en uitleg hadden gekregen over de apparatuur e.d. waren we al 3 uur verder. Helaas was er daar op het industrieterrein geen airco, wat aardig wat vocht heeft gekost. Een groot voordeel, was wel dat de camper waar we mee op pad gingen gloed-je-nieuw was. Dat is natuurlijk een hele ervaring!! Ja, en toen was het even achter onze oren krabben. We hadden een leuke camper, maar niet zo’n hele grote…. eigenlijk een hele kleine. Alleen een pick-up met opbouw was nog kleiner. Het was zo’n camper vergelijkbaar met een ambulance zo als die hier in Nederland rondrijdt. Maar goed, wat wil ik hiermee zeggen; Deze camper had alleen een dashboard-airco en geen dakairco. Gaat de motor uit, dan wordt het toch wel erg heet in die Nevada-desert. Tsja,… hoe moesten we dit oplossen, want even de woestijn uitrijden is er natuurlijk niet bij. We kregen van iemand de tip om naar de bergen in het noorden van Vegas te rijden en daar een kampeerplek voor de eerste nacht te zoeken. De Mount Charleston Wilderness Area zou wel wat koeler zijn, omdat het hoger lag.
Onderweg zien we her en der verdwaald in de woestijn enkele mobile-homes bezaaid met rommel, zoals je regelmatig in films ziet. Ze bestaan dus echt. Geweldig om te zien!
Aangekomen in de bergen vinden we een kampeerplek met uitzicht op noord Nevada. Het is hier schoon en tevens een prachtig natuurgebied, hoog en koel. Ook erg mooie kampeerplekken.
Dag 5 vrijdag 17 juli (Mt. Charleston Wilderness Area – Williams)
Eindelijk, echt op weg met "onze" camper. Op naar Arizona via de Hoover Dam. Eigenlijk, ondanks de voorbereiding thuis en het voorgenieten, komen we in Arizona onverwacht op oude stukken van de Route 66 en zien we toch her en der verwijzingen en gebouwtjes die doen herinneren aan de glorietijd van deze befaamde route. Oude winkeltjes "Guns new & used" of "Horse Hotel" en verder veel borden met Route 66 langs de weg.
De omgeving hier laat zich het beste omschrijven als maanlandschap. Elke verbeelding die daarbij opkomt is, zoals dit landschap is. Achter elke heuvel ziet het namelijk weer anders uit. Even onleefbaar, maar ook even adembenemend mooi. Dan weer gravel-rood, dan weer as-zwart.
We komen op de stops onderweg geregeld campers tegen die ook onderweg zijn. Verrassend is het dat we zeker 2 tot 3 keer Nederlanders tegenkomen. Je vind ons ook werkelijk overal over de wereld.
's Middags besluiten we de kampeergids van de KOA, die gratis bij de camper werd geleverd, er maar eens bij te pakken en vonden een campground vlak bij Williams. Zo is een ritje naar de Grand Canyon de volgende dag simpel en snel te maken. Wat ons uiteindelijk opvalt aan de KOA is dat alles wat beloofd wordt weliswaar aanwezig is, de prijs bovenal, maar dat de sfeer en aankleding van het park niet echt tot de verbeelding spreekt. Achteraf zou dit eerste tevens de laatste ervaring met KOA zijn (en niet tot onze spijt). De andere campgrounds zijn ons stukken beer bevallen en bovenal….. waren ze goedkoper.
Dag 6 zaterdag 18 juli (Grand Canyon NP)
‘s Ochtends vroeg op en na wat kleine inkopen gedaan te hebben, op weg naar de Grand Canyon NP.
Maar nadat we al lang en breed op de Highway 180 reden en op de kaart al in de buurt van de Canyon moesten zijn, zagen we om ons heen nog niets dat op gebergte of iets dergelijks moest lijken. Zaten we wel goed? Ja, toch.. de Park entrance. We besluiten hier direct een "Golden Eagle" pas aan te schaffen voor $50,- Deze kosten gaan we de komende toer dik en dik terugverdienen. Volgens de laatste berichten bestaat de Golden Eagle-pass niet meer en is deze nu vervangen door een National Parks-pass. (Nog steeds zijn de kosten $50,- Prima voor de mensen die nu nog weg moeten en dus een relatief goedkope pas kunnen kopen. Wel vind ik het onbegrijpelijk dat de prijs nog steeds hetzelfde is. Volgens mij kan dat nooit uit. Zeker als je beseft dat een aantal parkrangers ontslagen gaat worden vanwege geldgebrek. Al wordt de prijs in mijn ogen het dubbele, dan is nog steeds de pas zijn prijs dubbel en dwars waard.)
Tsja, toen werd ons na minder dan een kilometer na de ingang, ineens duidelijk wat de naam "Canyon" betekent en waarom we al die tijd maar niets zagen. Het schouwspel dat zich op dat moment voor je ogen afspeelt, is slechts voor mensen die er geweest zijn de bevatten.
Die dag rijden (en lopen) we langs de East Rim van de Grand Canyon om te genieten van al het natuurschoon dat we tegenkomen.
Dag 7 zondag 19 juli (Williams – Mesa Verde NP)
De volgende morgen vertrekken we van onze KOA-campsite, op weg naar een volgend bizar schouwspel. Monument Valley (beroemd van de Marlboro-reclame) waar tafelbergen uit het niets uit de grond rijzen. Veel kleine verkoopstalletjes van indianen kom je onderweg tegen. Via het Only Point in U.S. Common to Four States Corners rijden we naar de staat Colorado, waar het Mesa Verde NP ligt. Bij de ingang van het park aangekomen, vlak bij de hoofdweg, besluiten we te kijken of we op het park zelf een kampeerplek kunnen vinden, ondanks het feit dat we eigenlijk weten dat je "in" een park altijd van te voren moet reserveren. (zeker in het hoogseizoen.) Echter tot onze verbazing kunnen we zelfs nog verschillende plekken uitkiezen.
Omdat op de kaart maar een erg kort lijntje het park ingetekend is, besluiten we na het eten alvast (het is inmiddels al rond 19.00uur) een beetje in het park rond te kijken zodat we de volgende dag al weten waar we het beste kunnen filmen en fotograferen.
Dat korte lijntje blijkt toch een iets andere invulling van de werkelijkheid weer te geven. Als we zo’n anderhalf uur gereden (lees omhoog geslingerd) hebben, begint het al te schemeren en hebben we nog geen indianen-pueblo gezien. We besluiten maar terug te rijden voor het echt donker is.
Dag 8 maandag 20 juli (Mesa Verde NP – Moab)
Na het ontbijt maar weer dezelfde weg omhoog. We zijn benieuwd hoe ver het rijden zal zijn. Uiteindelijk blijkt dat we er de vorige avond al redelijk dicht in de buurt waren. Ook hier blijkt weer dat Mesa Verde niet voor niets als Nationaal Park wordt aangemerkt.
Onder rots-overkappingen zijn van kalkzandsteen volledige indianen dorpen gemetseld en dat vanaf 1400 jaar geleden gedurende 700 jaar.
Een parkranger die er rondloopt schijnt het wel interessant te vinden dat we uit Nederland komen en leidt ons privé rond langs het Spurce Tree House.
Door deze privé-rondleiding zijn we toch wel meer te weten gekomen dan dat we normaal uit de boeken hadden kunnen halen.
Van deze ranger mochten we ook even binnen de afzettingen filmen en fotograferen. Ja en dat levert natuurlijk aardig beeldmateriaal op.
Verder deze dag nog een hike gemaakt naar het uitzichtpunt vanwaar je zicht hebt op het Balcony House en uiteraard nog doorgereden naar het hoogtepunt van het park; het Cliff Palace.
Van hieruit zijn we ‘s middag weer verder gereden. Nu naar Moab. Zeg maar "de" uitvalsbasis voor Canyonlands NP, Arches NP en Dead Horse Point SP.
We besluiten, aangekomen in Moab en alvast een campsite te hebben gereserveerd, naar Canyonlands te rijden en daar eens rond te kijken. We rijden het park binnen bij Island in the Sky en genieten van prachtige vergezichten bij verschillende overlooks. Nog voor zonsondergang rijden we weer terug naar de campground. Dead Horse Point SP. lijkt ons niet zo interessant en waarschijnlijk hetzelfde als Canyonlands. Achteraf jammer dat we het niet bezocht hebben. Het schijnt zeker de moeite waard te zijn.
Dag 9 dinsdag 21juli (Moab - Escalante)
‘s Morgens vroeg vertrekken we na een vreselijke nacht. Het was ‘s avonds en ‘s nachts nog rond de 100° F, bloedheet dus in onze camper waar de dashboard-airco uiteraard geen dienst doet als de motor niet draait. Onze "buren" hebben echter allemaal dak-airco’s die op generatoren werken. Zij hebben het met alle ramen en deuren dicht én lekker fris én lekker stil. Wij daarentegen kunnen niet slapen omdat we het én bloedheet hebben én doordat alle ramen en deuren wagenwijd open moeten (om nog enigszins wind te voelen) kunnen we ook niet slapen vanwege het lawaai van die generatoren.
Goed, gebroken gaan we op pad naar Arches NP. We rijden het park binnen en stuiten dat vrijwel direct tegen een enorme muur die uit het niets uit de grond rijst. De Courthouse Towers. Ja, dat is zeker toepasselijk. Vervolgens zien we rechts naast de weg een landschap met redelijk gelijkgevormde bultjes, deze hebben ook weer een zeer toepasselijke naam, Petrified Dunes. Dan, vlak voor de eerste serie arches, komen we weer rechts van de weg de Balanced Rock tegen en als je weet hoe die eruit ziet, is het echt niet moeilijk raden hoe ze op die naam zijn gekomen. Ongelofelijk dat dat ding er al ik-weet-niet-hoe-lang staat. Als ik ooit het bericht in de krant lees dat die is omgevallen, zou me dat ook niet meer dan logisch lijken.
Hier valkbij ook de eerste echte boogformaties, waarvan de Noth & South Window, Double Arch en Turret Arch de bekendste zijn. Tevens vind je hier de Parade of Elephants en wederom heeft de bedenker van de naam niet heel veel moeite hoeven doen, want inderdaad lijkt deze rotsformatie net op een kudde olifanten die achter elkaar naar het circus worden geleid. Hier hebben we een korte hike gemaakt om al deze hoogtepunten te bewonderen. Waar op de wereld vind je van deze, ik heb het woord al eens eerder gebruikt, "bizarre" natuurverschijnselen?? Ik zou het niet weten.
Vervolgens doorgereden naar de Wolve Ranch, genaamd naar John Wesley Wolfe, een veteraan uit de burgeroorlog die samen met zijn zoon daar 20 jaar primitief heeft geboerd. Vanuit deze startplaats is er een hike behoorlijk heuvel (zeg maar berg) op, naar toch wel de wonderlijkste arch ter wereld, de Delicate Arch. Onder andere door deze wonderlijkheid is deze arch ook het symbool voor de staat Utah.
Ook hier is het aan te raden om de wandeling met voldoende watervoorraad te ondernemen.
Wederom laten wij ons hier weer door het relatieve korte lijntje op de kaart verrassen. Met te weinig water ondernemen we de tocht en met wat op eerste uitdrogingsverschijnselen lijkt (klinkt dramatischer dan het was) keren we terug in de camper.
We rijden door naar Devils Garden Trailhead voor een laatste hike in dit park. Echter de vorige wandeling heeft z’n tol geëist bij Nienke. Te weinig vocht en de eerste zwangerschapsoprispingen betekenen dat ik met de camera en fototoestel op pad ga om in elk geval de Landscape Arch te hebben gezien. Ik wil echter ook Nienke niet te lang op het parkeerterrein achterlaten dus besluit ik bij 107° F maar joggend naar de Landscape arch te gaan. Gelukkig had ik thuis al wel de nodige kilometers in de benen, maar echt droog houd je het in elk geval niet. Ook de blikken van de medetoeristen zijn in de trant van "??..die spoort niet..!"
Maar goed, uiteindelijk heb ik wel de beroemde Landscape Arch gezien en dat is het uiteindelijk wel weer waard geweest.
Terug in de camper rijden we uit het park door naar de I-70. Deze rijden we een stuk in westelijke richting en slaan vervolgens af, de US-24 op. Deze weg voert langs Hanksville naar Capitol Reef NP. Over deze weg kom je keurig langs de Park entrance, maar je vindt er geen betaalhuisje. Dit komt omdat het de enige doorgang is naar het westen, via deze weg. We stoppen onderweg natuurlijk weer voor enkele foto’s en bezoeken het visitiors center. Ook vanwege de tijd rijden we hier sneller doorheen dan het park eigenlijk verdient. Iets voor de volgende keer dus.
Ja,…. En nu kom ik toch het eerste "zwarte gat" tegen. Hier onderweg rijd je door Dixie National Forest en later volgens mij over een soort bergkam, met links en rechts van je, afgrond en spectaculaire vergezichten. Het begint inmiddels ook al te schemeren en waarschijnlijk door het tijdstip zien we wel een stuk of 30 herten, ook gewoon rustig op de weg staand en ons herkauwend aankijkend alsof het de normaalste zaak van de wereld is.
In een dorpje onderaan de helling zijn we vervolgens gestopt (volgens de atlas kan dat Escalante zijn geweest, maar zoals ik al opmerkte; het kan zijn dat ik nu de chronologie wat door elkaar haal) om te overnachten en omdat het inmiddels al behoorlijk laat is geworden besluiten we daar uit eten te gaan. Vlak bij de campsite hebben we een restaurantje gezien waar we lopend naar toe gaan. Als we daar bestellen, trekken we als buitenlandse toeristen meteen de aandacht. (Ik zei ook nog tegen Nienke dat die Hawaii-shirts en broeken echt te veel zouden opvallen.) De serveerster wil meteen alles weten en de vrouwelijke kok komt ook langs om ons de hand te schudden. We krijgen een gratis consumptie aangeboden en na het eten schuift de serveerster aan voor de verhalen en vertelt ons dat ze ook graag een keer met haar man naar Las Vegas wil, maar dat het er nooit van gekomen is. Gek hoor, dat wij als toerist al meer gezien hebben dan menige "local".
Dag 10 woensdag 22 juli (Escalante – Mount Carmel Jct.)
Deze dag hebben we gereserveerd voor een bezoek aan Bryce Canyon NP. Ook hier hebben we echt naar uitgekeken. Als je de verschillende foto’s van dit park ook ziet dan weet je dat (ik ben niet religieus) God een uiterst creatieve bui heeft gehad bij het schapen van de natuur in Zuidwest Amerika. Ook in dit park gaat dat wat je ziet weer volledig in tegen alle logica van de natuurkunde. Ben je net bekomen van de "on"logica van Arches NP, dan doet Bryce NP dat nog eens dunnetjes over.
We parkeren de camper bij Sunrise point en lopen langs de rim naar Sunset point. Hier besluiten we de canyon in te gaan en een hike door de canyon terug naar Sunrise point te maken. Pas nu beleef je het park pas echt. Je loopt tussen de hoodoos door en beseft vervolgens weer dat wat je ziet gewoon-niet-kan. Als hier toch weer en wind langs die pilaren geselt, dan kunnen ze toch niet blijven staan? Dat is toch onmogelijk? Maar ja, hier geldt weer hetzelfde als in Arches NP, het park staat er al een "aantal" jaartjes en zal er ook nog wel een "aantal" jaartjes blijven staan. Deze hike is niet al te lang, maar wel adembenemend mooi. Als we de route halverwege hebben gelopen wordt de lucht in de verte steeds donkerder en een onweer dreigt. Gelukkig blijft het droog en het slechte weer blijft op afstand. Terug op de rim lopen we weer terug naar de camper en nemen ons voor dit park in de toekomst met een uitgebreider bezoek te vereren.
Vervolgens rijden we langs de rim naar nog een aantal spectaculaire vergezichten en besluiten ‘s middags door te rijden naar Zion NP. Dat is nu niet zo ver meer.
Als we het park uitrijden en weer op de Highway 12 rijden zien we dat het hier behoorlijk heeft geregend en even verder staan er werklui op de weg, omdat er een stuk heuvel is weggespoeld over de weg heen. We lopen hier enige vertraging op omdat zij de weg eerst weer vrij moeten maken.
Aangekomen op de campsite, vlak na Mount Carmel Jct. aan highway 9, bellen we nog met Nederland. Ik kan me dat nog herinneren en zelfs dat we rekening moesten houden met 9 uur tijdsverschil, wat er echter 8 bleken te zijn en pas 9 zouden zijn als we de grens met Nevada zouden passeren. Zelfs de locatie van de telefoon op de campsite staat me nog voor de geest, alsmede de spulletjes in het vensterbank van de receptie. Waarom vertel ik dit? Sommige details staan in m'n geheugen gegrift, maar ik bedenk me echter, dat ik van geen van de campsites meer kan herinneren hoe het sanitair er heeft uitgezien, uitgezonderd de campsite van Anaheim LA, waar we er recht tegenover stonden. Toch wel vreemd, temeer omdat ik weet, sterker, er van overtuigd ben, me tijdens de vakantie toch wel eens gewassen te hebben.
Dag 11 en 12 donderdag en vrijdag 23 en 24 juli (Mt. Carmel Jct. – Lemongove)
Vandaag rijden we door Zion NP. Het is zowaar een regenachtige morgen als we vertrekken. Aan het begin van de route door het park maken we her en der wat stops en komen al snel langs Checkerboard Mesa. Door de horizontale en verticale groeven in de berg net een schaakbord. Er staan al verschillende passanten langs de weg geparkeerd. Ook wij besluiten hier maar even de benen te strekken.
Ik besef me nu ineens hoe sturend de informatie over de verschillende bezienswaardigheden in de parken eigenlijk is. Uiteraard ontbreekt in de gratis folders bij de ingang Checkerboard Mesa niet op de omschrijving. Het is immers een vrij bijzondere berg. Toch ben ik ervan overtuigd, dat wanneer deze informatie niet in de folders of dergelijke te vinden is, zeker 95% van alle bezoekers zo aan deze berg langstrekt, zonder zich later te beseffen wat ze nu eigenlijk gezien hebben (en we rekenen onszelf ook tot die groep) Je krijgt namelijk onderweg zo’n enorme natuur-kill te verwerken, dat andere bijzonderheden je soms niet eens meer opvallen omdat ze niet beschreven staan.
We stoppen ook hier voor een aantal foto’s en maken een korte wandeling aan de andere kant van de weg langs het riviertje. Ook hier tref je de eerste beginselen aan van het ontstaan van een canyon. Verschillend gekleurde rotsen waar een riviertje door stroomt. Nu is de rand nog niet veel hoger dan enkele meters, maar toch, het begin van een canyon is duidelijk zichtbaar. De wanden hebben wel wat weg van The Wave.
Ik weet bijna wel zeker dat die 95% die ik al eerder noemde, van het bestaan van dit kleine stukje natuurschoon niet afweet, al ligt het nog geen 200 meter van Checkerboard Mesa vandaan.
We rijden weer verder en stuiten op een gegeven moment op een file!!?? Het bleek de wachtrij te zijn voor de tunnel naar het andere gedeelte van Zion NP. Aangezien het wachten nogal lang duurt, besluit ik buiten nog wat foto’s te maken ondanks het wat druilerige weer.
Eenmaal door de tunnel is het aan de andere kant droog en is er een strak blauwe lucht met in de verte de wegtrekkende onweerswolken, maar dat op zo’n fantastische manier dat het ineens duidelijk wordt waarom de mormonen dit als het beloofde land Zion zagen. We besluiten hier aan de kant te gaan staan en lekker van de lunch te genieten.
Ondanks het feit dat we hier een mooi uitzicht hebben, rijden we het park uit met het gevoel "wel leuk.." Pas thuis, bij het bekijken van de videobeelden en de foto’s herzien we die mening en beseffen we dat dit een héél mooi park is. Helaas, door al het voorafgaande dat we hebben gezien, zijn we klaarblijkelijk dus besmet met het fenomeen "overkill" aan natuurschoon.
We rijden het park uit en vervolgen onze route via de I-15. In korte tijd rijden we via Utah, door Arizona en Nevada om vervolgens uit te komen in Californië. Van de groene oase rijden we in korte tijd de kurkdroge woestijn weer in. Eerst nog met steile bergwanden, maar al snel volgt de uitgestrektheid van de Nevada-woestijn. In Californië lijkt het erop alsof je naar een douanepost op de snelweg rijdt. Dit blijkt echter een controlepost van het Department of Agriculture waar je controle krijgt op etenswaren, deze moet je ook resoluut inleveren als je ze bij je hebt. Eh, de onverpakte etenswaren dan.
We rijden richting Sequoia NP. We moeten de route via Bakersfield kiezen omdat het in dit jaargetijde verboden is met een gehuurde camper door Death Vally NP te rijden, vanwege de extreem hoge temperaturen en de daarbij behorende risico’s van oververhitting van de motor. We besluiten dan ook maar om dat risico niet te lopen. Omdat we nu helaas niet een van de mooiste routes rijden, ben ik hier weer enigszins de chronologie kwijt. Ik kan me nog herinneren dat we langs Edwards AFB gereden zijn (mijn spottershart begon wat harder te kloppen)en dat we in een bepaald gebied erg veel windturbines op de heuvels zagen. Overigens heeft die kale uitgestrektheid met die lange rechte wegen ook wel weer wat, maar na een uurtje of 4 achter elkaar geen noemenswaardige verandering, verveelt uiteindelijk dat ook wel. We hebben hier op een kampeerterrein gestaan met daarnaast een klein sport-vliegveldje en daarachter weer een bergrug. Waar? Ergens tussen Bakersfield en Delano. Er was in elk geval ook nog een belangrijke verbindingsspoorlijn langs onze route waar we die "giganten" van locomotieven van Amtrak en Sata Fé met 80 wagons en meer langs zagen schuiven. De volgende dag, dat is dus vrijdag 24 juli, vervolgen we onze route naar Sequoia NP en komen vlak bij de eindbestemming door "sinaasappel-county" Gigantisch, wat een velden vol met deze oranje vruchten.
Bij Lemongove, vlak bij de ingang van Sequoia NP stoppen we en staan op een relatief klein kampeerterrein. Enkele zwerfkatten komen ons al spoedig bezoeken. Achteraf blijkt dat deze katten bij een soort enclave horen van Amerikanen die hier het hele jaar door staan. Ze hebben een enorme hoop troep om zich heen verzameld en alles ziet er niet al te hygiënisch uit, maar ze blijken zeer gastvrij. Zodra ze vernemen dat we uit Nederland komen, is enige vorm van herkenning nog niet aanwezig. Ja, dat het land in Europa ligt, dat schijnen ze wel te weten, maar als ik vervolgens ter verduidelijking vertel dat we vlak bij Amsterdam wonen, schiet de herkenning op de gezichten. "Ah, grass" en of ik ook wat bij me heb voor ze. Als ik vertel dat het alom verkrijgbaar is, maar dat ik het nog nooit van m’n leven gebruikt heb, wordt ik toch even aangekeken of ik wel helemaal goed bij m’n hoofd ben. Maar, het ijs is gebroken en we zijn "vrienden" We worden direct uitgenodigd voor de barbecue, maar we bedanken hier vriendelijk voor. Wel drinken we nog gezellig een biertje met ze, om vervolgens ons eigen potje te gaan koken met in elk geval schóne borden en bestek.
Dag 13 zaterdag 25 juli (Lemongove – Fresno)
We rijden deze ochtend weg als het nog helemaal stil is op het kampeerterrein. Onderweg, nog geen 5 minuten verder, komen we langs lake Kaweah.
Bij de park-entrance krijgen we direct de folder van het park uitgereikt. Dat scheelt, want dan hoeven we niet meer verplicht naar het Visitors Center, voor het geval het daar erg druk is. Het is immers weekend.
Ook hier is het nog een behoorlijk stuk rijden en gaat de weg slingerend omhoog. Helaas door het geslinger en waarschijnlijk ook het verschil in luchtdruk, beginnen bij Nienke hier voor het eerst de zwangerschapsongemakken echt lekker los te barsten. Bij ongeveer elke haarspeldbocht moet ik de camper tegen de bergwand parkeren en moet ze haar maaginhoud weer kwijt. (Erg vervelend als er na verloop van tijd helemaal niets meer in zit.) Tevens worden we door de achterop komende bestuurders begroet met claxongeschal over dat stelletje idioden dat op zo'n onmogelijke plek de camper parkeert. Ik kan alleen wat schaapachtig grijnzen en de schouders ophalen terwijl Nienke de grond wat "bestudeert"
Uiteindelijk wordt al het geslinger toch beloond. We zien onze eerste sequoia’s. Wat een machtige stammen. Het valt ons overigens op dat niet zo zeer de hoogte in het oog springt, maar juist die enorm dikke stam het doet.
Grappig ook om te weten dat eens in de zoveel tijd een bosbrand juist goed is voor deze woudreuzen. Zij overleven en krijgen hierdoor tijdelijk weer ruimte om te groeien. Uiteraard mag de standaardfoto met op de achtergrond General Sherman (het grootst levende wezen op aarde) niet ontbreken. Deze boom heeft een lengte van maar liefst 83 meter.
Aangezien het op deze hoogte qua temperatuur (25ºC) een verademing is ten opzichte van de dagen ervoor met waardes van 35ºC en hoger besluiten we dan ook een verfrissende wandeling te maken naar de Tokopah falls. Hier komen we oog in oog te staan met de groundhog uit "Groundhog day".
Ook Nienke knapt weer zienderogen op. Als we het park uitrijden, bergafwaarts, gaat het al weer een stuk beter. Nu hoeven we maar om de 3 a 4 bochten in de ankers om de camper aan de kant te zetten voor Nienke.
We rijden nu richting Yosemite NP en rijden door een vlak gebied, waarbij de temperaturen weer behoorlijk oplopen. Als we onderweg ook willen gaan zoeken naar een slaapplaats en al niet echt wat passends kunnen vinden besluiten we bij uitzondering (Moab zit ons ook nog vers in het geheugen) een hotel te pakken mét airconditioning. Dit moet Fresno gweest zijn. Ik kan me nog herinneren dat het een redelijk grote agglomeratie was. Tevens gaan we verderop lekker uit eten en kijken op de hotelkamer nog naar "The golden child" van Eddy Murphy.
Dag 14 zondag 26 juli (Fresno – Novato)
Vandaag staat Yosemite NP op het programma, dus we staan bijtijds op om de laatste kilometers af te leggen naar het park. Het is vandaag zondag. Is dat een slimme dag? Nee, zeker als je beseft dat het weekend is en we naar een van de populairste Nationale Parken gaan. We moeten echter toch enigszins rekening houden met de planning. Als we het park binnenrijden, de vallei in, dan valt het ook wel direct op waarom het zo populair is. Prachtige natuur en mooie watervallen (Nu overigens nog maar watervalletjes), maar het is inderdaad ster-vens druk. Nadat we op ons gemak een rondje door de vallei hebben gereden, besluiten we de camper ergens aan de kant te zetten en te voet het park verder te verkennen. Dan blijkt, zelfs in het weekend, dat in zo’n groot park de menigte zich al snel verspreidt en dat je toch nog prima van het park kunt genieten en zelfs foto’s kan maken zonder mensen erop. Het is hier weer warmer dan in Sequoia NP, maar de temperatuur is aangenaam en er staat een verkoelend briesje. We brengen een uurtje of 3 door in het park en gaan dan richting San Fransisco, de volgende stop op de route. We rijden in één ruk door via Modesto en de I-580 naar de Oakland Bay bridge. Hier moeten we eerst tol betalen om de brug over te mogen steken. Je betaalt de stad in tol, als je de stad weer uit rijdt kost het je niets. Over deze brug doemt de skyline van SF voor ons op. De Transamerica Pyramid zien we al boven alles uit en dan begint m’n hart toch wel wat sneller te kloppen. Alle beelden en foto’s van San Fransisco schieten in mijn gedachten voorbij en nu,... ben ik er zelf. Ik ga de stad proeven en opsnuiven. Ik kan niet wachten. We rijden vervolgens door het stadscentrum naar dé Golden Gate bridge. Met de Rand McNally’s op schoot weten we dan na deze ene bocht de brug moet opdoemen… en jawel, daar staat ‘ie in volle glorie. Weer maakt mijn hart een sprongetje. Ik voel me even een klein kind in een snoepwinkel. De brug wordt steeds groter en uiteindelijk rijden we daadwerkelijk over de brug der bruggen. We rijden de stad uit, dus we hoeven niet te betalen. We rijden weg van SF en besluiten vanaf dit moment uit te kijken naar een geschikte plek om 3 overnachtingen te boeken. Pas een kilometer of 25 verderop vinden we een campsite, waarvan we denken dat het wel een geschikte zal zijn. Dichter bij San Fransisco is het ons te druk. Vlak bij de campsite ligt Marin County Airport. Als we uit de camper stappen merken wat een heerlijke temperatuur er hier heerst. Een graadje of 24 met een frisse wind. Echt lekker "doe-weer". We slaan wat boodschappen in en duiken vervolgens het zwembad van de camping in.
Dag 15 maandag 27 juli (San Fransisco)
Na het ontbijt pakken we de camper, want deze dag is volledig gereserveerd voor San Fransisco. Here we come.
De vorige dag hadden we al gemerkt dat de stad behoorlijk druk was. Parkeren zou dan ook niet makkelijk zijn, laat staan met een camper. Daarom besluiten we, halverwege de route met de veerpont naar San Fransisco te varen. We stappen in Larkspur op en volgens de ticket in ons fotoalbum zijn we om 8.40uur vertrokken en kostte een enkeltje $2,75 p.p. Als we de haven uitvaren, zien we links van ons San Quentin State Prison zeg maar het nieuwe Alcatras, waar op de buitenplaats een groep "inmates" aan het luchten is. Tuig van de bovenste richel is hier te vinden en dat laten de omheining, de wachttorens, gewapende bewakers en hekken goed zien. Tijdens deze boottocht krijg je een mooi uitzicht op de Golden Gate bridge en zie je Alcatras in de baai liggen. Uiteraard heb je ook een fraai uitzicht op de skyline van SF. We leggen aan Pier 1 aan. We zien daar voor het eerst (niet voor het laatst) grijze pelikanen aan de kant zitten. Ik wist niet eens dat ze bestonden. We moeten naar pier 39 en verder, dat betekent dus sjouwen. Maar ach het is lekker weer, dus who cares. Het geduld wordt uiteindelijk beloond, want we komen in een wat drukker bezocht gebied en zien overal winkeltjes, kraampjes met van alles en nog wat en massa’s volk.
Het is duidelijk, Pier 39 ofwel de Fishermans Wharf hebben we bereikt. Dé bekendste pier van San Fransisco. Hier slenteren we lekker rond, zien aan pier 39 pontons liggen vol met zeeleeuwen. Als je hier niet op voorbereid bent, weet je niet wat je ziet. Al van verre hoor je het gebrul, maar je gelooft je ogen niet als je ze ziet liggen. Even schiet het door mijn hoofd dat het wellicht een "gemaakte" toeristische attractie is, waarbij de zeeleeuwen gevangen zijn en vervolgens in dit (afgesloten) stuk zijn gedumpt om de toeristen te vermaken. Maar niets blijkt minder waar. Uit eigen vrije wil liggen ze hier. We laten ons vertellen dat de zeeleeuwen sinds 1989 na de grote aardbeving hier zijn komen "resideren" ’s Zomers trekken de beesten normaliter naar de kanaaleilanden, maar een groepje van ongeveer 300 zeeleeuwen heeft besloten hier van K-dock de vaste verblijfplaats te maken. ’s Winters kan de groep overigens aangroeien tot wel 900 exemplaren.
Bij de ticketservice van Alcatras informeren we hoe laat we met de boot mee kunnen voor een excursie naar het eiland. Geen probleem, 15.30 uur zaterdag 8 augustus is er nog plek! Uhhhhhhh………laat dan maar, kunnen we nog vriendelijk uitbrengen. Tip voor een volgende keer, reserveren in Nederland!!
Op naar de Cable cars. Hier aan het begin van de Powel – Hyde line worden de cable cars op een draaischijf met de hand omgedraaid om weer aan de cable gehaakt te worden voor de rit de andere kant op met een constante snelheid van 9 ½ mph. De gripman bedient met een soort handrem de cable car. Als er gestopt moet worden haalt hij hiermee de haak van de kabel, zodat deze niet meer wordt voortgesleept.
We kopen een kaartje en moeten achteraan in de rij aansluiten. Het is redelijk druk, dus pas na een klein half uurtje kunnen we opstappen. Een grote neger, die dienst doet als gripman op onze cable car heeft er zin in. Luid brullend geeft hij de tramreizigers en het voorbij wandelende publiek aan dat we eraan komen en met de draad, aan het plafond van de tram gespannen, bedient hij de bel op een ritmische manier. Hij is overigens helemaal volgehangen met medailles en pins van het een of ander. Helaas, bij de eerste halte stappen wij ook uit. Hier zijn we namelijk bij Lombard Street ofwel The crookedest street in the world. Auto’s kunnen hier met 8 scherpe s-bochten naar beneden. Niet omhoog. Het is namelijk eenrichtingverkeer en dat is, als je de straat ooit hebt gezien, maar goed ook. Bovenaan Lombard street heb je een prachtig uitzicht op de baai met recht voor je uit midden in die baai Alcatras Island. Ik denk dan ook dat dit een van de meest gefotografeerde en gefilmde plekken is in San Fransisco. Kijk je door Lombard street naar beneden heb je ook een prachtig uitzicht over de stad.
We besluiten, na drie tjokvolle trams voorbij te hebben laten gaan, te voet verder te trekken. San Fransisco is in tegenstelling tot bijvoorbeeld Los Angeles, een vrij compacte stad. Ondanks het klimmen en dalen is alles goed te belopen. We lopen dus maar naar Chinatown. Geweldig! Je waant je echt in Azië en met alle respect voor iedereen die graag naar het verre oosten gaat, ik moet er niet aan denken. De cultuur en "onpersoonlijkheid" trekt me totaal niet, maar om op deze manier geconfronteerd te worden met het verre oosten, vind ik een goede oplossing. We struinen wat winkeltjes af en besluiten hier ook wat souvenirs voor het thuisfront te kopen. Het spel Mahjong mag daarin uiteraard niet ontbreken. We winkelen nog wat, bezichtigen nog wat en besluiten aan het einde van de middag weer met de pont terug te varen naar Larkspur waar we de camper van de parking halen en weer terug rijden naar de campsite. Hier eten we en poedelen nog wat in het zwembad.
Dag 16 dinsdag 28 juli (Golden Gate National Recreation Area)
Vandaag staat er niets op het programma. De eerste luier-dag, zeg maar. We doen wat boodschappen, ik ga een stukje hardlopen (voor het eerst in drie weken) we zwemmen wat, maken de camper schoon, hangen het beddengoed uit, kortom we doen dingen waar we nog niet aan toe zijn gekomen. Ook dit is wel eens lekker. Een dagje niks doen.
Het bloed kruipt echter waar het niet gaan kan en dus besluiten we ’s middags toch richting Golden Gate te rijden. We gaan daar aan de noordoost kant zitten, ofwel in de Golden Gate National Recreation Area. Hier hebben we een prachtig zich op de Golden Gate bridge en San fransisco. Zodra we hier staan, herken ik het beeld dat ik voor me zie dan ook direct van alle foto’s die we van San Fransisco ooit hebben gezien. Ook deze plek is weer een veel gefotografeerd plekje. Dé reden dat we hier naar toe zijn gereden is echter de mist. Het is nu nog strak blauw en we willen een mooi plekje hebben, wanneer de mist vanaf de oceaan de baai komt binnen drijven. We kunnen echter wachten tot we een ons wegen, maar vandaag géén mist. Dan maar een ritje langs de kust richting het noorden. Is dat een aanrader? Waarschijnlijk wel. Ik vond het wel aardig, maar na bijna twee weken van immens natuurgeweld langs de route die we hebben gereden, vervaagt de norm voor schoonheid en bekijk je plekken waarvan je hart anders in vervoering raakt, nu met een blik van "ach, wel aardig.."
Dag 17 woensdag 29 juli (Novato – Ventana Wilderness)
Op naar LA. We kiezen hiervoor de "Scenic highway 1" in plaats van de veel snellere I-101. Deze prachtige route slingert langs de kustlijn van Californië en is op een aantal plekken werkelijk schitterend.
Maar eerst moeten we de Golden Gate weer over. Nu rijden we de stad dus binnen en dat betekent tol. Kosten $3,- We rijden via de stad (gezien de ambiance en de temperatuur, komen we hier zeker een volgende keer terug) door naar de beroemde highway 1.
In Montery stoppen we bij de haven en slenteren eens langs de haven en over de toeristische pier. Ook Cannery Row mag uiteraard niet ontbreken.
In de haven ligt trouwens een otter, heerlijk relaxed, op z’n rug in het water te slapen. Langzaam dobbert ‘ie op de golfjes onder de wandelpontons in het havengebied door. Tsja, dat trekt natuurlijk bekijks van de toevallige passanten. Het is gelukkig niet druk. Ook zien we hier weer een groep grijze pelikanen.
Aangezien het 6 jaar geleden is dat we deze reis hebben gemaakt, weet ik niet meer zeker of het vandaag of morgen is geweest dat we stuitten op een groep zee-olifanten die aan de kust lagen te slapen en te ravotten. We worden er eigenlijk op attent gemaakt, doordat er een aantal auto’s langs de weg staat, op een plek waar het eigenlijk niet mag. (Overigens weet ik niet zeker of dit de standaardplek is waar ze normaal uithangen. Van verschillende mensen, die ook deze zee-olifanten hebben gezien, verneem ik dat er zelfs een parkeerplaats in de buurt is gemaakt. Nou, die was hier in elk geval niet aanwezig. Wellicht is deze er in de afgelopen 6 jaar gekomen.)
We vervolgen onze reis en besluiten al in de bossen van de Ventana Wilderness een camping te zoeken. Dit is een heel sfeervolle campsite met op elke plek een eigen barbecue c.q. vuurkorf. Ja en dan ben je als man natuurlijk snel verkocht, want wat is er nou leuker dan legaal fikkie stoken. Mijn avondprogramma is dan ook al snel gevuld. Toch besluiten we hier, omdat de omgeving zo mooi is, nog een avondwandeling te maken.
Dag 18 woensdag 30 juli (Ventana Wilderness – Pismo Beach)
Vandaag rijden we voor een stop van een aantal dagen naar Pismo Beach. Nienke wilde gedurende deze vakantie in elk geval ook een aantal dagen strand. Het is dan een idee om dat bijvoorbeeld in LA te plannen, maar aangezien ik luchtvaartenthousiast ben en door
We blijven hier 4 volle dagen, waarvan de tweede gereserveerd is voor de open dag. Het leuke daarvan was dat we vanaf het parkeerterrein in een echte gele Schoolbus werden vervoerd naar het terrein van Vandenburg. De andere dagen wat gezwommen en bij het strand gelegen. In elk geval het beschrijven hier niet waard. En trouwens, al was 't het beschrijven wel waard, ik kan me niet meer herinneren wat we precies gedaan hebben.
Dag 23 dinsdag 4 augustus (Pismo Beach – Los Angeles Anaheim)
We gaan vandaag op weg naar Los Angeles. We vervolgen hiervoor de highway 1, nog een laatste stukje 101, om vervolgens in L.A. de I-5 zuid te volgen. Wat een immense stad is dit zeg. Overal waar je kijkt is bebouwing, zie je snelwegen en staat er, in welke richting je ook rijdt, file. Wij hebben echter geluk en kunnen tot Anaheim, onze eindbestemming zonder noemenswaardig oponthoud doorrijden. Bij de afslag moeten we wel goed opletten Ze zijn bij dit traject bezig met de weg, dus is er een korte uitvoegstrook.
We gaan meteen linksaf de snelweg weer over en ongeveer een halve kilometer verderop is de campsite. Deze ligt midden in de woonwijk en slaat alles wat we tot nu toe zijn tegengekomen. Het is één groot geasfalteerd parkeerterrein met uitgelijnde vlakken waar je je camper op kunt rijden voor een full hook-up. Als we de camper hebben geparkeerd en even buiten op de parkeerplaats moeite lopen te doen om de schaduw van onze camper op te zoeken, komt er een Amerikaanse "buurman" met een mobile home. Onze camper is 17ft, deze jongen komt op waarschijnlijk een kleine 50ft. Als hij geparkeerd is, schuift er nog een zijwand uit, die minstens zo groot is als onze complete camper. Ons schaduwprobleem is in een klap opgelost. Wel voelen we ons met zo’n bakbeest naast ons ineens heel erg klein. In de ogen van die "buurman" waren wij waarschijnlijk ook niet veel meer dan een paar buitenlandse zwervers.
’s Avonds zitten we nog lekker buiten, de temperatuur heeft momenteel zeer aangename waardes bereikt, als er klokslag 10 een prachtig vuurwerk losbarst. Dit blijkt van Disneyland te komen aan de overkant van de snelweg. Sommige klappen zijn zo hard, dat spontaan een aantal auto-alarmsystemen geactiveerd wordt. Het leuke is dat dit vuurwerk is dat het elke avond is, zodat ik een van de volgende avonden met mijn videocamera in de aanslag geduldig kan wachten tot het 22.00uur wordt.
Dag 24 woensdag 5 augustus (Los Angeles)
We besluiten vandaag L.A. te gaan verkennen. Een bezoek aan Hollywood en de andere toeristische trekpleisters staan vandaag op het programma. Als eerste besluiten we naar Hollywood te rijden om daar een en ander te bezoeken. We parkeren de camper vlak achter Hollywood boulevard en besluiten dan maar eens te lopen. We zien wel wat we tegenkomen. Het toeval wil dat we aan het begin van de Walk of Fame staan. Een metalen kunstwerk in de vorm van een prieel, de benen worden gevormd door een viertal dames (oscars?) met in de top "Hollywood", geeft dit aan. We besluiten dan ook een stukje deze route te volgen. Op het trottoir vind je op geregelde afstand van elkaar bronzen sterren met daarin de namen van bekende sterren uit de verschillende media. Een klein stukje verder vind je Mann’s Chinese Theatre. Hier hebben artiesten hun hand- en/of voetafdrukken in cement voor de ingang van dit theater gezet. Een tweetal afdrukken in het bijzonder trekt onze aandacht. Ten eerste die van Cecil B. de Mille, want in deze straat wonen we op dat moment in Almere en ten tweede die van Tom Hanks getekend 7/23/98. Met andere woorden toen wij ergens in Zion NP rondreden, zette Tom Hanks hier zijn afdruk neer.
Vanuit hier zijn we verder gereden door Beverly Hills en Bell Air. Op aanraden van verschillende bronnen, hier maar geen wandelingetje over de trottoirs gemaakt, maar keurig vanuit de camper ons zitten vergapen aan de exorbitante rijkdom. Vervolgens was het volgende doel Venice. Ook een toeristische trekpleister met onder andere het beroemde Muscle Beach. Helaas had dit niet meer de charme van weleer, maar het was nog steeds aanwezig. Erg leuk om hier over de boulevard te lopen. Ik heb hier dan ook de nodige videobeelden geschoten.
Vanuit Venice zijn we zuidelijker naar Long Beach gereden. Hier hebben we nog een uurtje of 2 aan het strand gelegen en zijn toen weer teruggereden naar de Campsite. Maar eerst zijn we verder gereden om een supermarkt te zoeken. Hoe dieper we echter Anaheim inreden, hoe minder ik me op m’n gemak voelde. Ook de frequentie van police patrols werd hoger. Gelukkig kwam er al snel een grote mall met supermarkt. Hier oogde het allemaal wel oké.
Dag 25 donderdag 6 augustus (Disneyland)
Uiteraard mag Disney niet ontbreken bij een bezoek aan Los Angeles. Vandaar dat dit park vandaag op het programma staat. Het voordeel, we kunnen vanuit de campsite wandelend naar het park. We besluiten vandaag op geld (en uiteraard de paspoorten) na, verder niets mee te nemen. We gaan er eens een relaxed dagje van maken. Het heeft weinig toegevoegde waarde om hier uit te wijden over het park, aangezien bijna iedereen wel eens in Disneyland is geweest, zij het niet hier, dan wel in Parijs. Diegenen die er nog nooit zijn geweest doe ik er dan waarschijnlijk ook geen plezier mee om de details te beschrijven omdat ze toch niet om Disney geven.
Qua opzet is het park in Anaheim aardig vergelijkbaar met Parijs. Ook verschillende landen in de vorm van taartpunten. Op de details wijken beide parken toch wel van elkaar af. (Laat staan wat er de afgelopen 6 jaar wellicht allemaal veranderd is.) Een prettige bijkomstigheid van het feit dat we wat later in het seizoen het park bezoeken, is dat het al bijtijds donker wordt. Dan is het park echt op z’n mooist. Met al die lichteffecten waan je je echt in een sprookje.
Dag 26 vrijdag 7 augustus (Universal Studios)
Ook deze dag zal geheel gevuld worden met één thema. Universal Studios. Ook een park waar je je de hele dag kunt vermaken. Nu moeten we wel met de camper op pad, aangezien de studio’s zo’n 35 km verderop liggen. Het aantal rides is beperkt, hoewel ze wel van een hoog niveau zijn. E.T. en Jurrasic Park zijn daar voorbeelden van. Maar bovenal zijn de shows het, die hier de "show" stelen. Zo staat me Waterworld nog bij, heb ik genoten van Beetlejuice en hebben we bij Totaly Nickelodeon gezeten. (Op dat moment overigens nog onbekend in Nederland). Backdraft was ook prachtig. Vanzelfsprekend mag in dit park de tramrit niet ontbreken. Hiervoor moet je wel eerst met de langste roltrap ter wereld naar beneden. De tramrit is onder aan de berg. Een echte aanrader, hoewel de kennismaking met de chauffeur wel erg "gemaakt" was. De gids in de tram, vertelde het een en ander over de regels tijdens de rit en stelde vervolgens de chauffeur aan ons voor. "Well guys, this is Bob, our driver for today. Everybody, say Hi Bob.." "Hi Bob" klonk het gedwee uit alle kelen. Hier konden we helaas een grijns niet onderdrukken. Verder hier vandaag ook weer een heerlijke dag gehad en bijna alles kunnen zien c.q. doen. Een dag vliegt voorbij.
Dag 27 zaterdag 8 augustus (Los Angeles – Las Vegas)
Helaas zit L.A. er weer op. Het is echt een van de minste steden, maar er viel nog genoeg te zien en met name te doen. Maar, we gaan voor de derde en helaas laatste keer weer naar Las Vegas. Hier moeten we de camper vandaag terugbrengen. De rit er naar toe vindt uitsluitend plaats over de Interstate dus tegen enen moeten we in Vegas kunnen aankomen. Onderweg, na Barstow, besluiten we nog om een stop te maken in Calico, een ghost town uit de Goldrush. Weinig authentieks meer te vinden helaas. Het dorpje is echt een toeristische trekpleister met alle ellende van dien. Ik moet aardig mijn best doen om te fotograferen en filmen, zonder hinderlijke modernismen in beeld te krijgen, maar ja, het is niet anders. De route gaat weer verder. We komen nog 2 opvallendheden tegen die rit. 1 Net als Las Vegas eigenlijk, komen we in the middle of nowhere, een gigantisch hotel-casino tegen met een achtbaan daar helemaal omheen. Hier besluiten we een hamburger te eten bij de Mac. En 2, als we onderweg moeten tanken, zien we ergens in de heuvels, helemaal achteraf een grote gevangenis. Lijkt het me sowieso geen pretje om in een gevangenis te zitten, hier in deze hete omgeving lijkt het me helemáál geen pretje.
Rond 13.30uur melden we ons bij Motouris om de camper in te leveren en na een laatste inspectie en het invullen van weer de nodige paperassen, rijden we met een taxi terug naar de Vagabond Inn. Terugbrengen door het verhuurbedrijf is er nu niet meer bij. Het hotel ligt recht tegenover Treasure Island. Het (inmiddels af) Venetian is in volle bouw. Vagabond inn is het hotel waar we ook verbleven tijdens de eerste nacht in Las Vegas. Gisteren heb ik gebeld met het hotel of er nog kamers vrij waren. Het bleek dat we erg veel geluk hadden. Er had net iemand afgebeld, want voor de rest was het hotel vol. Ik bedacht toen ook ineens dat ik ook wel gelezen had dat in de weekends de meeste hotels in Vegas volledig volgeboekt zitten. Geluk dus.
Die middag besluiten we eens uitgebreid langs de Strip te lopen. We lopen van hotel naar hotel om zo uit de moordende hitte (110°F) te blijven. Een relaxed wandelingetje lángs alle hotels is er vanwege de hitte dus ook echt niet bij. Op een bepaald moment geeft Nienke aan gelezen te hebben dat alle hotels wel iets speciaals hebben naast de geëikte casino’s op de benedenvloer. We staan op dat moment voor Circus Circus en besluiten meteen de daad bij het woord te voegen en lopen over de casinovloer naar achteren. Inderdaad zien we een stroom mensen daar een brede trap oplopen. We besluiten er maar achteraan te lopen. Ja hoor, boven is een soort mall te vinden, niet echt spectaculair, maar toch… Even verder zien we weer een stroom mensen een hoek omslaan. Ook daar maar weer achteraan. En dan blijven me met stomheid geslagen staan. Een compleet overdekt pretpark. Er loopt een achtbaan (met looping) door de hal, er is een wildwaterbaan met brede boten, a la Pirates of the Caribbean en nog veel meer. Wéér-ga-loos.
Verder de strip aflopend moeten we een stuk langs niemandsland lopen (aan de overkant is overigens Wet & Wild) en gaan we uiteindelijk binnen bij hotel Stratosphere. We kopen een kaartje voor het observation deck en worden met de lift omhoog geschoten. Hier bovenin heb je een fantastisch uitzicht op Las Vegas. Jammer dat het nog licht is, want in het donker zal het helemaal betoverend zijn. We lopen een rondje en daar, achterin krijg ik het te kwaad. In de verte zie ik Nellis AFB. Voor de leken onder ons. Nellis is de grootste Amerikaanse vliegbasis. Niet alleen het veld, maar het hele gebied van Las Vegas tot aan Tonopah in het noorden hoort bij deze basis. De (voormalig) geheime basis Area 51 is onderdeel van Nellis. Hier wordt ook een aantal keer per jaar de oefening Red Flag gehouden. Uit grote delen van de wereld komen dan luchtmachten hier oefenen. De Nederlandse luchtmacht is hierbij ook geregeld van de partij.
Maar goed, ik zie het veld liggen en zie in de verte de flightline helemaal "zwart" van de vliegtuigen staan. Zó dicht bij en toch zó ver weg. Dit doet me geen goed.
Maar ik besluit er mijn stemming niet door te laten bederven en richt me op de waaghalzen die boven in de toren (en die is echt hoog) zich nog durven laten afschieten in een stoeltje of zij die plaatsnemen in een achtbaantje die een paar rondjes om de bovenkant draait maar dan ook geregeld buiten de omheining. Ja, en dan is er verder niets meer onder je. Ik besluit om dapper te blijven kijken en besluit, ……dat ik de kaartjes gewoon te duur vind.
Als we teruglopen gaan we ergens eten. Ik heb geen idee meer waar, maar wel dat het goedkoop, veel en lekker was. Een van die befaamde "All you can eat buffets" Buitengekomen is het inmiddels donker geworden en ja, dan is Las Vegas op z’n mooist. We bezoeken nog een aantal Hotels aan de strip en gaan dan moe, maar voldaan naar bed.
Dag 28 zondag 9 augustus (Las Vegas – New York)
De volgende dag moeten we vroeg op. Al om 06.00uur moet de taxi ons afhalen voor de vroege vlucht naar New York (onze tweede gratis stop-over). Het is deze keer geen directe vlucht. Er wordt een tussenlanding gemaakt in Denver. We vliegen deze dag met een Boeing 737. In Denver moeten we ruim 2 uur wachten eer we aan boord mogen van weer een Airbus A-320. Ik loop naar voren voor een praatje met de vliegers. (nu ondenkbaar) Eén van de vliegers zegt in Europa op F111’s te hebben gevlogen. Als ik beaam, oh ja, the Aardvark en vraag of hij in Upper Heyford of op Lakenheath gestationeerd was, kijkt hij me ongelofelijk aan. Op Lakenheath is het antwoord. Oh, het 48 TFW, Statue of Liberty. Nu is de beste man de weg kwijt. Het fenomeen spotter is blijkbaar niet bekend bij de Amerikanen, maar interessant vindt hij het wel. Als ik besluit weer plaats te nemen, een klein kwartiertje later, wordt er nog geen aanstalten gemaakt te vertrekken. Sterker nog, de airco valt uit en na verloop van tijd houden we het bijna niet meer uit van de hitte. (Helemaal bij Nienke vallen de laatste dagen en helemaal bij het vliegen nu, niet meer mee. De zwangerschap wordt een steeds zwaardere last door de aanhoudende misselijkheid.) Gelukkig, met een vertraging van een uur kunnen we toch het luchtruim kiezen. Aangezien het een vlucht wordt tegen de tijd in, komen we aan boven New York als het donker is. We vliegen door enkele wolkenflarden heen en zien ineens onder ons de lichtjes van de stad. Peter Pan’s Flight – Disneyland, schiet door me heen. Wauw, wat een uitzicht. We landen in Newark (NJ) Mooi, dan kan deze staat ook aan het lijstje worden toegevoegd. Met een shuttlebus rijden we naar Manhattan via de Holland tunnel. Hé, herkenning. Ik vraag de chauffeur of dit niet die tunnel is van de film Daylight. Dat blijkt inderdaad het geval te zijn.
Aangekomen bij hotel Aladdin kunnen we nog net op tijd inchecken. Het is al laat. Nou, het ziet er op het eerste gezicht niet uit, dat ons verwachtingspatroon gehaald gaat worden. Bij binnenkomst op de kamer weten we het zeker. Dit is één gróte vergissing. Het duurste hotel van allemaal, maar ook het slechtste. Het is benauwd warm, deze avond, dus we zetten meteen een raam open. Airco hebben ze hier namelijk niet. De lucht die echter op dat moment de kamer in komt rollen vergeet ik m’n leven niet meer. Een vieze, vettige, zure lucht van een etenskraampje beneden ons, van de ergste soort, rolt binnen. Je begrijpt het, Nienke, met de toch al niet sterke maag moet als een speer naar het toilet en ik duw het raam direct weer dicht. Liever in een benauwde kamer, dan die geur.
Dag 29 maandag 10 augustus (New York)
Ik had me enorm verheugd om een rondje om Central Park te rennen. Dat was nou echt iets waar ik naar uit had gezien. Het enige dat we nu konden bedenken was, na een slapeloze nacht, zo snel mogelijk uit dít hotel te komen en er zo laat mogelijk weer terug te keren. Dan maar geen rondje Central Park. Bij het verlaten van het hotel zien we een man die één van de kamers onder handen neemt. (degenen die Coming to America van Eddy Murphy heeft gezien en de huisbaas van hun onderkomen in Queens nog voor de geest kunnen halen, weten nu wat voor een man ze zich moeten voorstellen) Hij is met een spuitbus in een kamer aan het spuiten, daarbij een matras omschoppend. Nog net zien we een aantal kakkerlakken alle kanten op schieten. Weg hier!!! ..en hééél snel!!
Omdat het vlak bij ligt, besluiten we meteen naar Central Park te lopen. Zonder echt doel voor deze dag, mag dit stadspark uiteraard niet op het programma ontbreken. We lopen hier wat, zien vanuit het midden de mooie skyline van hoge gebouwen er omheen en zien daar de beroemde koetsjes rondrijden. Echt een lekker ontspannen sfeer ademt het park uit. De New Yorkers lijken hier een metamorfose te ondergaan, zodra ze dit park binnen lopen. Als je hier rondloopt zie je ook details uit films terug. De fontein die we zien is uit Ransom met Mel Gibson en het smalle paadje met boogtunnel komt voor in Home Alone2 - de scene met de duivenvrouw. Leuk. Vlak bij Central Park is Nike-town te vinden en ook deze zaak vereren we met een bezoek. We kopen er wat spullen, pakken de metro en gaan naar Battery park, het zuidelijkste puntje van Manhattan. Van hier uit is Wallstreet goed te belopen, zijn de Twin Towers binnen handbereik, de Brooklyn bridge, het vrijheidsbeeld… kortom hier is genoeg te zien. De Twin Towers besluiten we bij zonsondergang pas op te gaan. Zo heb je dan een prachtig gezicht bij nacht over de stad. Wel gaan we die middag met de boot (gratis) naar Staten Island. Je vaart zo langs het Statue of Liberty en hebt op deze manier een fantastisch uitzicht op de skyline van Manhattan. ’s Avonds inderdaad naar boven op de Twin Towers. Ik krijg nog steeds de kriebels als je er aan denkt dat deze twee torens er nu niet meer staan en de gevolgen daarvan tot op vandaag de dag nog volop ons dagelijks leven bepalen. Die avond hebben we in elk geval genoten van het uitzicht.
Laat in de avond en gebroken van de hele dag op pad zijn, komen we weer aan in ons hotel.
De gedachte dat we nog maar één nachtje in dit (#$+# @ ! %&*) hotel hoeven slapen, sterkt ons en we vallen toch nog als een blok in slaap.
Dag 30 dinsag 11 augustus (New York - Amsterdam)
Het zit er op. We ontbijten nog in de stad en gaan dan met een taxi naar JFK int. Airport. Onderweg komen we nog langs Flushing Meadows (waar de U.S. Open wordt gespeeld) en verhip daar zie ik de schijven (UFO’s in Men in Black van Will Smith) op het kunstwerk bij het stadion. Weer herkenning.
Met een klein tweemotorig vliegtuigje (niks voor mij, maar ik ben het type kwijt) vliegen we eerst naar Washington om van daaruit de plas weer over te steken naar Nederland. Als we nu weer aan boord gaan van de "Tripple 7" (de Boeing 777) valt het pas op wat een ontzaglijk groot toestel is. Hiervóór hebben we natuurlijk wat kleinere vliegtuigen gehad en dan nu ineens weer dit geweld. De vleugel lijkt wel zo groot als een voetbalveld. Ik kan er weer 8 uur van genieten, in tegenstelling tot Nienke, die de w.c. maar weer eens grondig onderzoekt tijdens de reis. Onderweg probeer ik wel tevergeefs wat te slapen. Voor Nienke duurt de vakantie net een aantal dagen te lang.
Dag 31 woensdag 12 augustus (Schiphol)
We landen veilig op Schiphol om 07.35uur en zijn weer thuis. Helaas voor mij. Gelukkig voor Nienke.
Ls.
We hebben een fantastische reis gehad, die we met de beperkte informatiebronnen die hadden tijdens het voorbereiden, naar mijn idee optimaal hebben gepland. We dachten echter alle highlights in het westen op Yellowstone na gehad te hebben. Die mening moet ik, door alle informatie die ik nu via het internet verkregen heb, laten varen. We hebben een gróót aantal highlights van het westen gezien, maar er valt nog een hoop meer te ontdekken.
Iets dat we in elk geval de volgende reis anders doen is minder parken bezoeken, maar er meer tijd voor uittrekken om de schoonheid er van de ontdekken. Nu hebben we in de "beperkte" tijd die we hadden "veel" gezien, maar op een haast Japanse manier. Ik kijk nu nog wel eens foto’s terug waarbij ik denk dat het zonde is dat we niet meer tijd hadden om er uitgebreider van te genieten.
Tevens hebben we zonsopgang en zonsondergang in geen enkel park meegemaakt. Juist dan zijn de parken op het mooist. Maar ja, dit was de eerste keer we hadden nog geen beschikking over (toen) internet, geen informatie zoals op www.allesamerika.com
Heb ik dus achteraf spijt van de route?
Daar kan ik volmondig nee op antwoorden.
Zou ik het anders doen?
Misschien. Een aantal plekken had meer tijd verdiend. Grand Canyon, Canyonlands, Zion om maar wat te noemen.
Aan de andere kant we hebben nu aan al die parken mogen snuffelen.
Het hotel in New York zouden we zéker niet meer boeken.
Een ander punt. Doordat we destijds nog niet de uitgebreide mogelijkheden van het internet hadden, zijn we tijdens de route ook een aantal keer enorm verrast. De zeeleeuwen op Pier 39, het pretpark in Circus Circus, de zee-olifanten aan de kust langs highway 1 zijn enkele van de voorbeelden waarvan we thuis bij het plannen geen weet hadden.
Doordat we een volgende route tot in de details kunnen gaan plannen met behulp van alle informatie die ons nu ter beschikking staat, is het verrassingselement straks weg. En juist dat verrassingselement heb ik wel als zeer plezierig ervaren tijdens onze reis. Het zijn ervaringen die je nooit meer vergeet.
Tot slot.
Nog dagelijks is het me een doorn in het oog dat met name Nederlanders die nog nooit in de States zijn geweest, hun mond vol hebben over de namaak-cultuur van Amerikanen en dat ze niets menen van hun "gemaakte" vriendelijkheid c.q. betrokkenheid. Mijn ervaring gedurende 4 weken is dat nagenoeg alle Amerikanen met wie we gesproken hebben, juist zeer geïnteresseerd en zeer behulpzaam waren. De gastvrijheid die wij hebben ervaren laat zich denk ik het beste omschrijven als een warme deken. Onze culturen verschillen op veel plekken van elkaar, maar ik ben de mening toegedaan dat juist wij, een hoop goeds kunnen leren van de Amerikanen.
René Jager
Ps. Nienke is op 19 maart 1999 bevallen van een gezonde zoon, Koen. Inmiddels heeft ook nummer 2, Daan zich aangediend en …….. overbodig te melden waarschijnlijk, maar ik kan niet wachten tot ik ook met hen deze fantastische ervaring kan delen. Helaas moeten ze dan wel wat jaartjes ouder zijn.
